Pro-ana websites 

“Anorexia Nervosa is mijn volledige naam, maar jij mag mij Ana noemen. Hopelijk kunnen wij geweldige partners worden.” Zo begint de brief van Ana die terug te vinden is op talloze pro-ana websites. De websites lijken anorexia te promoten, maar vormen voor veel jongeren een veilige haven. Pro-ana is volgens hen een levensstijl. Maar waar stopt de levensstijl en begint de ziekte? [DOWNLOAD dit dossier in PDF-formaat]

 

“Pro-ana draait niet alleen om afvallen”, legt Nico*, webmaster van een informatieve pro-ana website uit. “De jongeren die hier komen hebben vaak een moeilijke periode achter de rug of kampen met heel wat problemen. Voor hen is dit de enige veilige plek waar ze over hun gevoelens kunnen praten en waar ze begrepen worden. Pro-ana draait dus niet enkel om het uiterlijk, maar vooral om het innerlijk. Alleen is dat uiterlijke blijkbaar nodig om het innerlijke te kunnen tonen.”

 

Thinspiration

Pro-ana websites geven tips om snel calorieën te verbranden en het verstoorde eetgedrag geheim te houden. Een groot deel van de aandacht gaat naar de ‘thinspirations’: foto’s van slanke en magere modellen als motivatie om het dieet verder te zetten wanneer het moeilijk wordt. Toch zijn deze foto’s vaak eerder een marteling dan een motivatie. “Natuurlijk heb ik ook mijn thinspirations”, zegt Zoë* (17), “maar ik hou het liever persoonlijker, omdat ik zelf perfect wil zijn. Wat heb ik eraan om naar een lichaam te kijken dat in mijn ogen perfect is? Dan denk ik: ‘Waarom zij wel en ik niet?’ Ik word dan erg jaloers en wil niet meer eten. Het helpt niet dat anderen me erop wijzen dat ik weer ben afgevallen en te dun word. Ik besef dat niet eten mijn dood zal worden, ook al wil ik dat niet.”

 

Steun zoeken

Dat websites anorexia in de hand werken, wil Nico liever niet horen. “Hier komen zowel mensen met als zonder eetstoornis. Anorexia is een ziekte. Pro-ana is het proces waarbij men steun gaat zoeken bij elkaar. Mensen praten hier elkaar de dood niet in. We steunen de mensen die willen stoppen met de pro-analevensstijl. Bovendien weigerden we laatst nog iemand wiens streefgewicht in onze ogen veel te laag was.”

Nico maakt een onderscheid tussen de bezoekers die enkel een paar kilo willen afvallen en zij die echt in Ana geloven. “De eerste categorie kan die vijf kilo veel beter op een gezonde manier verliezen”, zegt Nico. “De anderen hebben vaak al heel wat meegemaakt en zoeken contact met mensen die hen begrijpen. Iedereen ervaart Ana anders, omdat iedereen met een ander doel naar de website komt.”

 

Deel van het leven

Zoë vecht al vier jaar tegen anorexia. Ze bevestigt dat de websites voor haar in de eerste plaats een veilige plek zijn om over haar gevoelens te praten. “Ik mag er voelen wat ik voel en word er geholpen als ik te ver ga en ik dat zelf niet door heb”, vertelt ze. “Pro-ana geeft me de moed om te vechten tegen en soms met anorexia. Het is een deel van mijn leven geworden. Zonder die steun had ik alles al veel vroeger opgegeven.”

Zoë heeft met heel wat demonen af te rekenen. Ze draagt een geschiedenis van pesterijen, seksueel misbruik en depressies met zich mee. Door niet te eten, probeerde ze komaf te maken met haar negatieve zelfbeeld en hoopte ze zichzelf eindelijk te kunnen accepteren. “Eten is elke dag opnieuw een strijd en zal dat waarschijnlijk ook altijd blijven. Ik sta ’s morgens op met de gedachte dat ik de dag door moet komen met een crackertje en ’s avonds een half bord mag eten”, vertelt Zoë. “Bij alles wat ik eet, tel ik calorieën. Ik gebruik een stappenteller om op te volgen hoeveel calorieën ik al verbrand heb. Ik kan mezelf er niet bij neerleggen dat ik te veel gegeten heb. Dan dwing ik mezelf om te braken of te laxeren, ook al besef ik maar al te goed dat dit niet gezond is. Gelukkig word ik er op het forum op gewezen dat ik dit mezelf niet mag aandoen.”

 

Risicofactoren

Uit Vlaams onderzoek blijkt dat er bij meisjes een duidelijk verband bestaat tussen het bezoeken van de pro-ana websites en de verschillende factoren die de kans op eetstoornissen verhogen. Het bezoek aan pro-ana websites gaat gepaard met een hogere neiging om slank te willen zijn, een negatievere perceptie van het eigen uiterlijk en een hoge mate van perfectionisme. Bij jongens werd dat verband niet gevonden.

Toch is er nog onvoldoende kennis over het al dan niet uitlokken van een eetstoornis. “Het slankheidsideaal dat door de media wordt aangeboden, kan leiden tot het ontwikkelen van een eetstoornis, maar is slechts één van de vele risicofactoren”, zegt Dr. Barbara Soetens, lector aan het departement toegepaste psychologie van de Lessius Hogeschool in Antwerpen.

Bij het ontwikkelen van een eetstoornis is er meestal sprake van een samengaan van biologische, psychologische en omgevingsfactoren. “Genetische factoren kunnen zeker een rol spelen en we zien dat anorexia nervosa vaak samengaat met perfectionistische karaktertrekken. Al is het nog niet duidelijk of dat laatste een risicofactor, dan wel een gevolg van de eetstoornis is”, legt Soetens uit.

Ook de puberteit, wanneer de jongere de lichaamsveranderingen niet kan aanvaarden en opkijkt tegen de volwassenheid, vormt een risicofactor. Ten slotte kunnen ook te betrokken ouders, slechte communicatie, onuitgesproken familiale conflicten en belastende levenservaringen hun bijdrage leveren. “Niet alles mag dus toegewezen worden aan de media en de blootstelling aan het slankheidsideaal”, zegt Soetens. “Al is het frequent bezoeken van pro-ana websites wel extreem.”

 

Verbod?

Frankrijk heeft de strijd met de websites reeds aangebonden. Het promoten van extreme slankheid, zowel op websites, in magazines en advertenties als door modehuizen is er strafbaar. In België is een verbod nog niet aan de orde.

“Ik ben eigenlijk geen tegenstander van een eventueel verbod”, zegt Kathleen Custers, onderzoeker aan de Leuvense School voor Massacommunicatieresearch (K.U.Leuven). “We weten uit wetenschappelijk onderzoek dat mensen die aan pro-ana websites blootgesteld worden een verhoogd risico lopen op eetstoornissen en stoornissen van het lichaamsbeeld. Alleen is het verbieden van websites praktisch heel moeilijk. Vaak worden de betreffende websites opgezet in het buitenland, wat het onmogelijk maakt om ze vanuit België te verbieden. “Heeft het dus zin om deze sites te verbieden?”, vraagt Custers zich af. “Ik vrees dat, zelfs als de sites verboden worden, ze zich zullen blijven vermommen en in een andere vorm zullen blijven bestaan.”

“Wat wel een mogelijkheid zou kunnen zijn,” vult Custers aan, “en wat ook al in onderzoek is voorgesteld, is om ouders aan te moedigen gebruik te maken van een bepaalde technologie die het toelaat om pro-ana websites te blokkeren. Maar ook dit zal alleen nut hebben als de websites zich niet camoufleren.”

 

Media-aandacht

Ook An Vandeputte, algemeen coördinator van de vzw Eetexpert, merkt de invloed van de pro-ana websites. “De invloed is er,” zegt Vandeputte, “maar het is een problematiek waarmee je heel doordacht tewerk moet gaan. Veel media-aandacht kan de invloed net versterken. Het gevaar is dat je zo gezonde jongeren net met die sites in contact gaat brengen.”

Het is dan ook belangrijk om de mediaweerbaarheid van jongeren te vergroten.
“We moeten jongeren kritischer maken”, zegt Vandeputte. “De jongere moet leren nadenken over wat er op zijn netvlies verschijnt. Niet alleen op vlak van pro-ana, maar ook in verband met alles wat bewerkt is door Photoshop. Dat is preventief heel belangrijk.”

 

Juiste informatie

Het is eveneens belangrijk om voldoende en juiste informatie te bezorgen aan selectieve groepen. “Jongeren at risk, jongeren die al een beginnend eetprobleem of gewichtsprobleem hebben, mogen niet alleen aangewezen zijn op pro-ana websites”, zegt Vandeputte. “Er moet een goed aanbod zijn van andere sites met goede en duidelijke informatie.”

 

Vroegdetectie en preventie

Voormalig Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Steven Vanackere maakte 200 000 euro vrij voor de vzw Eetexpert, voor de periode van juli 2008 tot december 2010. “Sinds 2000 werken we in opdracht van de regering aan het verbeteren van preventie, vroege herkenning en behandeling van eetproblemen in Vlaanderen”, vertelt Vandeputte.  “Vanuit het Kabinet werken we aan het uitbouwen van een goede stapsgewijze zorg, waarbij iedereen dicht bij huis terecht kan voor goede multidisciplinaire basishulp. Zo kan men stap voor stap meer expertise inschakelen wanneer dat nodig blijkt.”

Eind 2008 werden er draaiboeken gelanceerd voor betere vroegdetectie voor huisartsen, diëtisten en centra voor leerlingenbegeleiding (CLB). Zij zijn immers de eerste die de signalen zien.

 

De vzw Eetexpert heeft daarnaast, met privésponsering, ook een programma voor schoolteams ontwikkeld. Het reikt de leerkrachten uit het secundair onderwijs hapklare ondersteuning aan bij preventief werken in de klas. Hierbij wordt gewerkt vanuit de recente bevindingen uit Europees onderzoek: niet het probleemgedrag in de belangstelling plaatsen, maar het gezonde zoeken en het versterken wat goed gaat.

 

* Zoé en Nico zijn fictieve namen. Ze werden op verzoek van de geïnterviewden gewijzigd.

© 2009 – StampMedia – Carmen Van Oers


Share |