Lachen in de lachclub 

HO, HO HA-HA-HA!”
Zap trok naar de lachclub en gaf al het opborrelende endorfine vrijspel

Volgens een onderzoek van de Duitse psycholoog Titze M. lachten de mensen in de jaren ’50 ongeveer 18 minuten per dag. Vandaag is dat nog maar 6 minuten per dag. Hoog tijd dus om de mensen weer wat vrolijker te maken, dachten Luc Van Imschoot en Ben Decock. En zo organiseren ze vandaag, compleet volgens de filosofie van de Indiase lachgoeroe Madan Kataria, intense lachsessies voor al wie op zoek is naar een natuurlijke adrenalinestoot.

Tekst: Anton Vander Haeghen Foto’s: Jan Matthys


Zap bezoekt de lachclub van Luc en Ben in Gent en mengt zich onder negentien andere lachgegadigden. Zo ontstaat een bonte mengeling van krasse oudjes en jonge snaken die zin hebben in een potje scheurbeuk. Weliswaar geen scheurbuik die je oploopt bij een tekort aan vitamine C, maar wel door langdurig gieren tijdens diverse rollenspellen, uitbeeldingen en situaties die het lachen bevorderen.

 

  

Een welgemeende slappe lach
Van bij de start legt Ben uit dat we het kind in ons moeten loslaten en dat we de drempel van schaamte moeten overwinnen. Ik dacht altijd dat een lach spontaan kwam, maar niet dus bij deze lachsessie. Je kunt je lach immers zodanig forceren dat hij uitgroeit tot een echte, welgemeende lach en zelfs een ‘slappe lach’.
Ik voel me in het begin redelijk belachelijk, want mezelf overwinnen in een onbekende groep is niet mijn sterkste kant. Maar goed, ik geef het een kans en stel mezelf voor, mét opgezwollen lip, en verklaar luidkeels dat ik graag voetbal. Gelukkig doen ook de andere personen in de kring mee aan deze opgelegde oefening en sta ik niet alleen voor aap.

 

Gelukzalige breedsmoelkikker
Aan de lachsessie gaat een intense opwarming vooraf: goed in- en uitademen en elk spiertje in je lichaam (vooral de kaken!) losmaken. Dit is meteen ook de sleutel tot een succesvolle lachsessie. Ben en Luc laten ons rekken, plooien, wringen in allerlei bochten en uiteenlopende uitbeeldingen uitvoeren. Zo passeert de hele Antwerpse zoo: van dikke brombeer tot gelukzalige breedsmoelkikker. En afsluiten doen we telkens met een toepasselijke “ho, ho ha-ha-ha”. Deze kreet is een mantra waarmee we de lachinducties van elkaar scheiden.
Ik zie genietende oudjes en giechelende jongedames, beide generaties ongeremd rondhossend en lachend door de zaal. Elkaar diep in de ogen aankijken, handjes schudden, ingebeelde moppen vertellen, gewichten heffen, pijlen afschieten, opnieuw door elkaar lopen, andere slachtoffers zoeken om mee te lachen, enz... Zo gaat het nog een hele tijd door en ik raak zowaar in trance van de altijd wederkerende ho, ho ha-ha-ha’s.

 

Het beste antistressmiddel
Maar waarvoor is al dat lachen nu eigenlijk zo goed? Wel, om te beginnen is lachen het beste antistressmiddel. Tijdens het gieren worden stresshormonen, zoals cortisol, uit je lichaam gegooid. Tegelijk maakt je lichaam het gelukshormoon endorfine vrij. Daarnaast versterkt lachen je natuurlijke afweermechanisme, want het verhoogt het aantal antistoffen in je lichaam waardoor je minder snel ziek wordt. En voor de dikkerdjes onder ons: lachen doet afslanken! Een half uur de slappe lach hebben, komt overeen met een verbruik van 250 cal. Onderzoek wijst ook uit dat eens flink doorlachen de bloeddruk na tien minuten serieus doet dalen. Ten slotte verhoogt lachen het zelfvertrouwen en het sociaal contact. Eens goed schateren in groep neemt veel belemmeringen weg en bevordert het groepsgevoel. Kortom, hoe meer je lacht, hoe beter je in je vel voelt.
Na 50 minuten van opwarmen volgt de apotheose: de ‘vrije lach’. Hierbij eindigen we allemaal zittend in een kring en moeten we zo lang mogelijk non-stop lachen… met niets! Ben verzekert mij dat het voorkomt dat een hele groep soms meer dan een kwartier blijft lachen. Ik blijf het toch maar een raar zicht vinden om al die mensen te zien gieren om niets…

 

Goede lachraad
De overgrote meerderheid van de lachclub heeft een leuke avond gehad. Praktisch iedereen voelde een lichte tinteling in het lichaam. Die tintelingen zouden het slaapproces achteraf alleen maar ten goede komen. Ik vind een spontane, natuurlijke slappe lach nog altijd het zaligste. Maar ik kan dergelijke lachbuien op één hand tellen. Als we de habitués van de lachclub mogen geloven, dan is de eerste lachsessie altijd de moeilijkste. Je kunt je dan immers nog niet volledig laten gaan zoals het hoort. Wie echt goed wilt lachen, moet elk oordeel, vooroordeel en rem op het lichaam simpelweg laten varen.

 

Praktisch
Wereldwijd zijn al diverse lachclubs opgericht. Momenteel bestaan er zo’n 5000, waarvan 30 in België. Voor meer nieuws (locaties, sessies, aanvangsuren) en andere lachinformatie kun je steeds terecht op
www.lachenisgezond.be

Een lachsessie bestaat uit vier soorten oefeningen:

  • Los- en ontspanningsoefeningen
  • Oefenen van het ‘gemaakt lachen’ en introductie van de mantra “ho, ho ha-ha-ha”
  • In groep: rollenspel, uitbeeldingen, situaties die aanzetten tot lachen,…Eindigen met de ‘vrije lach’
  • Afsluiten doe je met een zacht muziekje, een rondje ervaringen delen en een drankje


 


Share |