Wat als een dierbare zelfmoord pleegt? 

Rouw na zelfdoding
Rouw na zelfdoding wordt beschouwd als gelijkaardig aan rouw na andere doodsoorzaak. Toch zijn de emotionele reacties na een overlijden door suïcide veelal wel sterker. De reacties van de omgeving zijn vaak ook meer afwijzen en ontwijkend. De nabestaanden van zelfdoding schamen zich vaak om hun verdriet te delen, wat het rouwproces niet bevordert. Eén a twee nabestaanden op vijf blijven kampen met psychische moeilijkheden.
Of zelfdoding als oorzaak op zich moet worden genomen voor een moeilijke rouwverwerking is niet duidelijk. De kwetsbare context die de zelfmoord heeft veroorzaakt kan teven de oorzaak zijn van een moeilijke omgang met het suïcidaal overlijden.
Het Centrum ter Preventie van Zelfdoding heeft de werkgroep ‘Verder’ opgericht voor nabestaanden van zelfdoding. Meer info vind je op de website www.zelfmoordpreventie.be of kan info aanvragen bij ‘Werkgroep Verder’, CCG Passant vzw, Nico De Fauw, Beertsestraat 21, 1500 Halle.

 

Kizzy Cools (22) verloor haar moeder toen ze 15 was


Precies zeven jaar geleden verloor Kizzy Cools (22) haar moeder. Die pijn draagt ze nog elke dag met zich mee. Een aangrijpend verhaal van een sterke meid.

Tekst en foto: Kelly Leloup


“Mijn mama was manisch depressief. In de manische periodes was ze overactief en extreem happy. Dan had je periodes dat ze zich heel normaal gedroeg. Maar er waren ook periodes dat ze erg depressief was. De laatste maanden dat ze leefde, ging het echt veel beter met haar. Je merkte bijna niet dat ze manisch depressief was. Ze deed ‘gewoon’, zoals iedereen. Daarom was het onverwacht toen ze besloot zelfmoord te plegen. Mijn mama is onder een trein gesprongen. Ik was vijftien.”


Je was nog een opgroeiende puber, welke invloed had dat op jou?
Toen ik vijftien was, begon ik te roken, wiet te smoren en heel veel te drinken. Dat was mijn uitlaatklep, want praten alleen was niet genoeg. Het is wel een heel belangrijk stuk, want mocht ik dat zelfs niet kunnen, dan was het nog moeilijker geweest om alles te verwerken.


“Alleen je eigen mama kan een moeder voor je zijn”


Miste je een moederfiguur in je leven?
Ja, maar ik vind dat zo’n raar woord, een moederfiguur. Alleen je eigen mama kan een mama voor je zijn. Er zijn wel mensen in mijn leven die dezelfde dingen doen als een moeder: een goede knuffel geven of met je praten of voor je zorgen. Een mama doet dat allemaal en daarbovenop geeft ze ook nog eens liefde. Dat kan je nooit in één persoon terugvinden. Dat heb ik altijd beseft. Bij mijn zus was dat anders, zij heeft iemand nodig die voor haar zorgt. Ze verwacht dat ook van sommige mensen, maar ik niet. Een moederfiguur bestaat niet voor mij.


Denk je er nog vaak aan terug?
Ja, elke dag! Soms meer dan andere dagen. Zeker als je andere mensen samen ziet met hun moeder, of over hun ouders hoort praten. ‘Mama en papa’ dat kan ik nooit zeggen. Soms doet dat echt pijn. Het is al wel een hele tijd geleden, maar het lijkt nog zo dichtbij. Het is iets dat ik altijd meedraag.


“In het begin had ik heel veel woede in mij. Met de jaren zijn die gevoelens

omgeslagen in verdriet en gemis”

 

Neem je het je mama kwalijk?
Ja, vooral in het begin. Toen was ik heel kwaad! Ik had echt veel woede in mij, en onbegrip. Met de jaren zijn die gevoelens omgeslagen in verdriet en gemis. Ik heb altijd een antwoord proberen te zoeken op die ‘waarom-vraag’. Na een tijd begrijp je het ergens wel. Ze was ongelukkig en zag het leven echt niet meer zitten. Het kan nooit haar bedoeling geweest zijn om iemand anders te kwetsen. Daar geloof ik in en dan ebt die kwaadheid langzaam weg. Maar de pijn, die blijft.


Hoe moeilijk was(is) het om erover te praten?
Heel moeilijk. Met bepaalde personen kan ik er ook totaal niet over praten. Er hangt nog steeds een taboesfeer rond de gezondheidszorg. Je hoort dikwijls uitspraken zoals ‘mensen die zelfmoord plegen zijn zwak’, dat maakt het eens zo moeilijk om erover te praten. Ook toen mijn mama nog leefde, had ik het heel moeilijk om mensen te vertellen dat ze in de psychiatrie zat. Zeker omdat je jong bent, kinderen kunnen soms hard zijn voor elkaar. Mensen hebben het moeilijk met zo’n zelfmoordsituatie en de ziekte die mijn mama had: ‘Wow, daar spreken we niet over, dat is ziek, dat is gestoord’. Zo zijn mensen. Mijn mama, als zieke persoon, is steeds een gevoelig onderwerp geweest om over te praten.


Bij wie kan je dan wel terecht?
Ik heb altijd wel een paar mensen met wie ik kan praten, gelukkig maar. Thuis, met mijn papa en mijn zus, lukt dat heel goed. Ook met mijn vriend David en met mijn beste vriendin. Dat is voor mij heel belangrijk. Het is nog altijd moeilijk als ik het voor de eerste keer aan iemand vertel. Maar als je het allemaal voor jezelf houdt, is het nog veel moeilijker. Mensen die niet weten wat er gebeurd is, vragen soms naar mijn mama. Dan weet ik nooit wat te zeggen. Als ze het weten, kunnen ze er rekening mee houden. Ik vind dat je er ook over moet praten, ook al lukt dat niet altijd. Het taboe moet doorbroken worden en dat gaat ook alleen maar als je erover praat.


Hoe is het jou gelukt om het grotendeels te verwerken?
Tijd. Ik kropte het niet op en praatte erover. Maar ook door naar het verhaal van anderen te luisteren. Je bent niet de enige met een verhaal van verdriet. Als je iets over een soortgelijke situatie leest of naar anderen luistert, vind je daar begrip. Je leert hoe ze erover denken en ermee omgaan. Je weet dan dat je er nooit alleen voorstaat, mensen vergeten dat vaak. 


Share |